Excursieverslag 1990 Loofbossen in Oost-Twente

Tijdens deze excursie werden de volgende bosgebieden bezocht: Hazelebekke (Natuurmonumenten), Achter de Voort (Staatsbosbeheer) en het Smuddebos (Overijssels Landschap). HAZELEBEKKE In Hazelebekke werd een fraai bronnetjesbos, omringd door hoger gelegen bossen, bekeken. De voornaamste discussiepunten betroffen de syntaxonomische benaming en begrenzing van de bekkens bostypen. Merkwaardig was dat deze discussie zich tegelijkertijd afspeelde op associatie- en (onder-)verbondsniveau. Voor het brongebied was de vraag: Carici elongatae–Alnetum of Carici remotae–Fraxinetum, dus resp. Alnion glutinosae of Alno-Padion? Van der Werf merkt hierbij op dat het Carici remotae–Fraxinetum een bronbos met kalk is, met o.a. Carex pendula en Equisetum telmateia, hoewel de Duitsers het soms veel ruimer opvatten. Hij geeft de voorkeur aan de benaming Chrysosplenio–Alnetum. In het wat hoger gelegen bos vond het grootste deel van het gezelschap het overheersen van Carpinion-elementen doorslaggevend. De hoogste delen konden echter vrij duidelijk als Fago–Quercetum worden aangeduid. De kleinschalige afwisseling in het bos en de goede ontwikkeling van Fraxinus excelsior gaven ook hier aanleiding tot syntaxonomische discussies. Over het verdwijnen van verspreid naaldbos bestond geen verschil van mening; zo snel mogelijk doen! Een klein populierenopslagje leverde de vraag op of de bomen immers of etagegewijs opgeruimd dienen te worden, i.v.m. de grote hoeveelheid ter beschikking komende mineralen.

De Loofbossen in Oost-Twente
Excursieleiding : J. Kleuver
Datum : 6 juli 1990

Hieronder is een link naar het verslag te vinden.

Excursieverslagen-1990-Loofbossen-in-Twente.pdf

Dit verslag is onderdeel van de gebundelde excursieverslagen van 1990. Via deze link is het complete pakket jaarverslagen van 1990 te downloaden.