Excursieverslag 2004 Gorsselse heide en Kienveen

Met de verdeling van de markegronden is ruim 100 ha van de Gorsselse heide aangekocht door het Ministerie van Defensie. De heide heeft altijd als oefenterrein dienst gedaan en was alleen in de weekenden toegankelijk en gold het als een rustgebied. De heide in engere zin werd verwaarloosd en groeide dicht met Pijpenstrootje. Voor de cavaleriepaarden werd speciaal een “ven” gegraven. Dit ven staat tegenwoordig bekend als het Luteaven en was zeer in trek bij libellen- liefhebbers. Voor de opschoning trof J. Teeuwen er meer dan 30 soorten aan. Ook wemelde het er in de 60er jaren van de Levendbarende hagedissen. Een grote heidebrand heeft daar een einde aan gemaakt. Na deze brand werd een continu watervoerende brandput aan gelegd. De bodem werd afgedicht met landbouwplastic. Dankzij de aanleg van de brandput kwam ondermeer Lycopodiella inundata terug. Later nam Staatsbosbeheer het beheer van de heide over van Defensie en ging over tot het plaggen van grote stukken vergraste heide. Erica tetralix en Calluna vulgaris kwamen weer terug. Uit zaad ontkiemden bovendien pionierssoorten zoals Cuscuta epithymum, Pedicularis sylvatica en Lycopodiella inundata. Het Gentiaanblauwtje, dat met 2 populaties aanwezig was, keerde echter niet terug. Tijdens de excursie werden wel nieuwkomers op enkele plagplekken ontdekt, maar geen voor het terrein nieuwe soorten.

Gorsselse heide en Kienveen
Excursieleiding : J. Teeuwen en B. Wijlen
Datum : 21 mei 2004

Hieronder is een link naar het verslag te vinden.

2004-GORSSELSE-HEIDE-EN-KIENVEEN.pdf

Dit verslag is onderdeel van de gebundelde excursieverslagen van 2004. Via deze link is het complete pakket jaarverslagen van 2004 te downloaden.